Magie onder de Koepel: Waarom het Vernieuwde Wintercircus en De Krook in Gent Je Volgende Groepsuitstap Moeten Zijn

De Sfeer van de site: De Krook en het Zuid in Gent
Het Zuid in Gent is altijd een plek van beweging en verandering geweest. Jarenlang kenden we deze wijk vooral van de oude stadsbibliotheek aan het Woodrow Wilsonplein en het drukke knooppunt van bussen en trams. Maar wie vandaag de omgeving binnenwandelt, voelt meteen een totaal andere energie. De stadsvernieuwing heeft deze buurt een krachtige, nieuwe identiteit gegeven.

Het begon allemaal met De Krook. (Waar komt de naam "De Krook" vandaan? De naam verwijst naar de specifieke locatie waar het gebouw staat: een scherpe bocht in de Schelde. In het oud-Nederlands (en het Gentse dialect) betekent een 'krook' simpelweg een kronkel, een vouw of een bocht. Vroeger was dit een industriële plek waar schepen moeizaam de bocht om moesten, en de buurt stond in de volksmond dan ook bekend als de Waalse Krook (door het lossen van kolen). Door het nieuwe kenniscentrum deze naam te geven, legt de stad een directe link tussen de historische waterweg en het moderne, golvende ontwerp van het gebouw zelf. De stalen lagen van de bibliotheek lijken immers als "kroken" of vouwen boven op elkaar gestapeld langs de kade. Samenvatting: In de middeleeuwen was deze 'krook' een beruchte plek waar veel vuil en slib bleef hangen door de stroming? Vandaag is diezelfde 'vouw' in de rivier omgetoverd tot het meest innovatieve en propere stukje Gent!
Dit roestkleurige en hypermoderne gebouw, met zijn opvallende stalen constructie, vormt al enkele jaren een baken langs de bocht van de Schelde. Het architecturale meesterwerk trekt je blik als een magneet naar het water. Het is een echte inspiratieplek geworden waar studenten, buurtbewoners en dagjesmensen elkaar moeiteloos vinden. Je ziet mensen ontspannen op de brede trappen aan de waterkant of verdiept in een boek in het lichte leescafé.
Toch ontbrak er lange tijd een belangrijk puzzelstukje in deze wijk. Vlak achter De Krook, bijna onzichtbaar ingesloten tussen de huizenblokken van de Sint-Pietersnieuwstraat en de Lammerstraat, stond een iconisch gebouw in de schaduw te wachten op een nieuw leven: het Wintercircus.
Na een grondige en respectvolle renovatie opende dit historische pand eindelijk weer de deuren voor het publiek. Voor ons bij VeDi-Trips was dit de ultieme aanleiding om notaboek en fototoestel te pakken en af te reizen naar Gent. We wilden met eigen ogen zien en voelen hoe de ontwerpers negentiende-eeuws spektakel, twintigste-eeuwse industriële charme en hedendaagse innovatie hebben samengebracht. We kunnen je alvast met veel overtuiging vertellen: deze locatie is een absolute aanrader voor elke groep, vereniging of meerwaardezoeker die houdt van een sterk en gelaagd verhaal.
Op ontdekking met gids Ann Dejaegher van de Gentse Gidsen
In de namiddag spreken we af met onze gids, Ann Dejaegher, bij de één van de ingangen, namelijk deze de Lammerstraat. We zijn duidelijk niet de enigen die nieuwsgierig zijn; een diverse groep van twintig cultuurliefhebbers uit Aalst, Kortrijk, Brakel en natuurlijk Gent zelf heeft zich al rond Ann verzameld. Meteen bij de eerste zinnen zoekt ze de interactie op. Ann is een gids die de ziel van deze plek als geen ander kent en de rondleiding direct een warme, persoonlijke toets geeft.
En gelijk heeft ze, want er valt wonderbaarlijk veel te ontdekken. Van de allesverwoestende brand in 1920 en de schandalige naaktscène in Un Soir d'Oubli, tot de honderden verborgen oldtimers van garagist Mahy en het innovatieve, 150 meter diepe BEO-veld onder onze voeten. Stap met ons mee en ontdek het verhaal achter de muren...

Zodra we samen de hoek omslaan richting een volgende ingang van het Wintercircus, bouwt de spanning zich op. Van buitenaf zie je slechts fragmenten van het gebouw, wat de verrassing binnenin alleen maar groter maakt.
Wanneer we de deuren openen en de centrale middenpiste binnenstappen, vallen we even stil. De schaal van het gebouw overvalt je. Het is een enorme, ronde ruimte waar het daglicht gul naar binnen valt door de immense glazen dakkoepel. Het licht tekent strakke, wisselende schaduwen op de opvallende rode, betonnen vloer.
Ann nodigt onze groep uit om het hellingpad van het Wintercicus te nemen om zo naar de eerste verdieping te gaan om de arena van bovenaf te aanschouwen.

Terwijl Ann ons meeneemt in de geschiedenis, prikkelt ze onze fantasie. Ze vraagt ons te luisteren naar de echo's van galopperende paarden en ronkende motoren. Met een Gentse knipoog voegt ze eraan toe, dat wie net een Delirium achter de kiezen heeft, de legendarische olifanten van het circus waarschijnlijk dubbel ziet.
Het is exact die gelaagdheid die het bezoek zo bijzonder maakt. Je ervaart het gebouw met al je zintuigen. Je ruikt de aangename geur van verse koffie uit de nieuwe horecazaken die zich in de randen van het gebouw nestelen. Tegelijk voel je de ruwe, industriële geschiedenis in de bewust onafgewerkte bakstenen muren. De lucht voelt fris en ruimtelijk aan. Overal waar je blik naartoe dwaalt, ontdek je een nieuw detail. Oude en ooit verweerde stalen balken kruisen harmonieus met de strakke, moderne afwerking van glas en hout.
Tijdens onze ronde gaan we ook naar de kelder en wijst Ann ons op een heel specifiek element aan de zijkant: een opvallend brede en flauwe hellingbaan. "Dit is de originele toegangsweg voor de olifanten," vertelt ze met een lach "de olifantenhelling". "Die dieren wandelden destijds via de helling vanaf de Plattenberg gewoon rustig de piste op." Het is een klein, maar fascinerend detail dat de geschiedenis direct tastbaar maakt. Het zorgt ervoor dat we ons echt even verbonden voelen met de generaties Gentenaars die hier decennia geleden vol verwondering naar exotische dieren en acrobaten kwamen kijken.
Wist je dat: Van Buffalo Bill tot een pikant onderwatercircus?
De geschiedenis van het Wintercircus zit vol verrassende wendingen die je nergens anders hoort.

De oorsprong van de "Buffalo's": De bijnaam van de AA Gent-supporters vindt zijn oorsprong bij de legendarische Kolonel William Cody, alias Buffalo Bill. Tijdens zijn spectaculaire 'Wild West Show' in Gent raakte het publiek in een zodanige ban dat het scanderen van "Buffalo! Buffalo!" een eigen leven ging leiden. Gentse studenten introduceerden de kreet in het verenigingsleven, waarna de voetbalploeg de naam en het iconische logo van de Indiaan definitief omarmde. Deze geschiedenis verbindt de club direct met de rijke circustraditie van de stad. Hoewel Buffalo Bills productie te grootschalig was voor de piste van het Wintercircus, inspireerde de populaire "Wild West-gekte" vele latere circusacts met cowboys en paardentemmers.
In de hoogdagen van het Gentse Wintercircus ontstond er een fascinerende wisselwerking tussen feit en fictie. Terwijl Buffalo Bill het visuele spektakel bracht met de geur van kruit, galoppeerde de romantiek van Karl May de Belgische huiskamers binnen via de avonturen van Winnetou en Old Shatterhand. Wie heeft deze boeken in zijn jeugd immers niet verslonden? De lezers vonden in Karl May de filosofie en de morele strijd, om vervolgens in de circusarena die fantasie in het echt te gaan beleven; zo versterkten de "echte" show en de geschreven romantiek elkaar enorm in onze collectieve beeldvorming.
Het schandaal onder water: In 1933 dacht het Gentse publiek een technisch hoogstandje te zien: een echt onderwatercircus. De piste werd omgetoverd tot een gigantisch bassin. Het spektakel was echter van korte duur. Toen de eerste vrouwelijke artiesten bijna naakt het water in doken, greep de toenmalige (vrij conservatieve) burgemeester direct in. Wegens "aanstootgevend gedrag" werd de show stopgezet. Het illustreert de rebelse en soms pikante sfeer die altijd rond deze piste heeft gehangen!
Van Wereldwijde Circustrend tot Gents Architecturaal Wonder
Om de huidige impact van het Wintercircus volledig te begrijpen, moeten we even uitzoomen. De traditie van vaste, stenen circusgebouwen begon niet in België. De rage startte in de achttiende en negentiende eeuw in wereldsteden zoals Londen en New York. Van daaruit waaide het concept over naar het Europese vasteland. De gegoede burgerij zocht naar groots entertainment, zeker tijdens de koude wintermaanden wanneer rondreizende tentcircussen het moeilijk hadden.
België sprong gretig op die kar. In korte tijd verrezen er indrukwekkende wintercircussen verspreid over het hele land. Zo had Luik het beroemde 'Cirque d'Hiver de Liège' aan de Boulevard de la Sauvenière. Dat negentiende-eeuwse gebouw kende een rijk leven als circus, variététheater en later als cinema, maar werd in de jaren zeventig genadeloos gesloopt om plaats te maken voor wat nu bioscoopcomplex Les Grignoux is. In Antwerpen stond het bekende Circus Renz, dat eveneens uit het straatbeeld verdween. Brussel heeft vandaag nog steeds het Koninklijk Circus, al verloor dat gebouw na vele verbouwingen zijn typerende klassieke, ronde vorm.
Vandaag de dag schieten er in heel België nog slechts twee echte, historische ronde circusgebouwen over. In Wallonië vind je het prachtige Cirque de Charleroi uit 1877 in de Rue de Montigny, - Le Vecteur: Geen klassieke rondleidingen zoals in Gent. Je kunt er dus niet zomaar binnenwandelen om de piste te bekijken. De beste (en vaak enige) manier om het gebouw van binnen te bewonderen, is door een evenement bij te wonen. Ze organiseren regelmatig concerten, tentoonstellingen en filmavonden. De sfeer is daar veel meer "ondergronds" en rauw artistiek vergeleken met de strakke afwerking in Gent. - een beschermd pand dat nu dient als decor voor theater, dans en concerten. En in Vlaanderen hebben we dit meesterwerk in Gent.
De Wederopstanding van het Wintercircus (1895–1923)
De geschiedenis van het Gentse Wintercircus is getekend door zowel spektakel als noodlot. Het gebouw opende feestelijk in 1895 als 'Le Nouveau Cirque', naar een ontwerp van architect Emile De Weerdt. Met een lichte constructie van hout en metaal trok het direct grote internationale artiesten aan. In 1920 sloeg het noodlot echter onverbiddelijk toe: een zware brand legde het circus vrijwel volledig in de as, waardoor enkel de kelder en de stenen buitenmuren overeind bleven. De Gentenaars herbouwden het circus in 1923 op nog imposantere wijze. Architect Jules-Pascal Ledoux ontwierp toen de huidige monumentale koepel met een robuuste, zelfdragende staalstructuur die de tand des tijds glansrijk heeft doorstaan.
In 1920 sloeg het noodlot echter onverbiddelijk toe: een zware, verwoestende brand legde het circus vrijwel volledig in de as. Enkel de kelder en de stenen buitenmuren bleven als een geraamte overeind. De Gentenaars lieten zich echter niet kennen en bouwden drie jaar later, in 1923, een nieuw en nog imposanter circus op dezelfde plek.
Voor deze heropbouw ontwierp architect Jules-Pascal Ledoux de huidige monumentale koepel. In tegenstelling tot de verloren gegane voorganger, koos hij voor een veel robuustere staalstructuur. Dit technisch vernuft heeft de tand des tijds — en de latere transformaties van het gebouw — glansrijk doorstaan, waardoor de iconische koepel ook vandaag de dag nog het hart van het complex vormt.
De Fabriek van de 'Gloeikousjes' (Auer)

In de directe schaduw van dit architecturale geweld bevond zich de Gentse industrie, waaronder de fabriek van de N.V. Belge Auer in de nabijgelegen Korianderstraat. Hoewel in de volksmond soms gesproken werd over "lichtkaarsjes", produceerde dit bedrijf de delicate gloeikousjes voor gaslantaarns. Deze kleine, witte hulsjes gaven het felle licht aan de straten rondom het circus. De fabriek bleef decennialang een baken van bedrijvigheid in de buurt van de Krook, totdat de productie rond 1972-1973 definitief stopte door de overwinning van de elektrische gloeilamp.
De Man van Beton: Gustaaf Magnel
Terwijl de oude industrie verdween, vormde de Universiteit Gent nieuwe pioniers, met professor Gustaaf Magnel (1889–1955) als spilfiguur. Magnel was geen architect van de esthetiek, maar de man van de cijfers. Als wereldautoriteit op het gebied van gewapend en voorspannen beton was hij een goede vriend en onmisbare partner van Henry van de Velde. Waar Van de Velde de visie voor iconen zoals de Boekentoren leverde, zorgde Magnel voor de complexe berekeningen om deze gigantische constructies stabiel te houden op de drassige Gentse ondergrond.
De Studenten van Magnel en het Rechtzetten van Gebouwen
In het befaamde Laboratorium Magnel leidde de professor generaties ingenieurs op die experts werden in het stabiliseren van zware structuren. Deze "studenten van Magnel" stonden bekend om hun vermogen om met uiterste precisie te berekenen hoeveel pijlers van gewapend beton er nodig waren om een verzakkend gebouw letterlijk weer "recht te zetten" of te verankeren. Hun technieken waren cruciaal in een stad als Gent, waar de combinatie van zware industriële panden en een onstabiele bodem vaak voor technische uitdagingen zorgde.
De expertise van Magnels studenten werd vaak ingeroepen wanneer oude fabrieksgebouwen, zoals die van Auer of andere ateliers rond de Krook, kampten met stabiliteitsproblemen. De transitie van de 19e-eeuwse klinknagelbouw naar de moderne betontechniek van de 20e eeuw is nergens zo tastbaar als in deze Gentse wijk, waar staal, glas en beton hand in hand gingen.
De geschiedenis van het Wintercircus als actieve piste eindigde vlak voor de Tweede Wereldoorlog met de komst van Circus De Jonghe. De drijvende kracht hierachter was Antoine de Jonghe, die als twaalfjarige begon als slangenmens en zich opwerkte tot hij zijn eigen gezelschap kon oprichten. Rond 1940 vonden de laatste grote circusvoorstellingen plaats onder de imposante koepel in Gent. Door de dreiging van de oorlog en de veranderende tijdsgeest viel het doek voor de piste als amusementsplek. Na het vertrek van De Jonghe verloor het gebouw definitief zijn oorspronkelijke functie. Hiermee kwam een einde aan een tijdperk van internationale spektakels, waarna het gebouw transformeerde tot de bekende Garage Mahy.

Hij transformeerde de ruimte in een ultramoderne garage (1947) voor Fiat-auto's. De felrode betonnen vloer is een directe erfenis uit die garageperiode. De auto's reden via een vernuftig systeem van hellingen vloeiend naar de verschillende verdiepingen. Cfr. "studenten van Magnel"
Na de sluiting van de garage in 1978 veranderde het Wintercircus in een verborgen schatkamer. Gedurende 2 decennia was het een depot voor oldtimers. Ghislain Mahy bracht er zijn fabelachtige collectie van bijna duizend voertuigen onder, indertijd een van de grootste en meest diverse verzamelingen ter wereld. Wanneer de wagens uiteindelijk de Gentse piste moesten verlaten, werd de collectie opgesplitst. De absolute pronkstukken, zo'n 250 zeldzame parels, verhuisden naar het Jubelpark in Brussel waar ze vandaag de ruggengraat vormen van Autoworld. Het overige deel, honderden wagens in hun pure en soms nog stoffige staat, vond een onderkomen in een oude textielfabriek in Leuze-en-Hainaut. Dit museum, Mahymobiles, is een bedevaartsoord voor wie de rauwe sfeer van Mahy's verzamelwoede nog echt wil proeven. Na het vertrek van deze ronkende geschiedenis uit Gent bleef het Wintercircus verweesd achter, waarna het verval onverbiddelijk toesloeg.
In 2005 kocht de stad Gent het pand, wat de start vormde van een spectaculair renovatietraject.
"Het Wintercircus in Gent is, samen met dat van Charleroi, een zeldzame overlever van een internationale amusementsgeschiedenis. Het toont ons dat we de ziel van een gebouw niet hoeven te wissen om het een toekomst te geven."
De ontwerpers kozen er expliciet voor om het roemruchte verleden en de littekens niet weg te poetsen. Het zou een ontmoetingsplaats moeten worden waar technologie en cultuur elkaar vinden. Naast de centrale piste herbergt het complex nu werkruimtes, horeca en een hypermoderne, ondergrondse concertzaal "club Wintercircus", voor ongeveer een 500 personen.
Overal waar je kijkt, zie je knipogen naar vroeger. Heb je het al vastgesteld? Alles verwijst hier naar het circus of de garage. Neem nu Bar Bougie, waar de glazen tegelvloer precies ligt op de plek waar vroeger de smeerputten waren. Of bij Bakker Klaas, waar wij voor aanvang van onze rondleiding een koffie dronken; op hun logo staat een bokser, een directe verwijzing naar de boksevents die hier vroeger plaatsvonden.

De drijvende kracht: TENT
Vandaag wordt het Wintercircus niet langer gerund door dompteurs of garagisten, maar door de organisatie TENT. Zij zijn de curators van deze unieke plek en zorgen ervoor dat de historische piste elke dag opnieuw bruist van het leven. TENT slaat de brug tussen het verleden en de toekomst door een community te bouwen van innovatieve ondernemers, tech-startups en creatieve geesten. Terwijl de benedenverdieping toegankelijk is voor het grote publiek, creëert TENT op de bovenliggende verdiepingen een dynamische werkplek waar de nieuwste technologieën worden ontwikkeld. Dankzij hun visie is het Wintercircus veel meer dan een monument; het is een levend ecosysteem waar Gentse koppigheid en moderne innovatie hand in hand gaan.
We eindigen dit prachtige verhaal met een Onzichtbare Motor: Warmte uit de Diepte
We sluiten dit prachtige verhaal af met een kijkje naar de 'onzichtbare motor' van het gebouw: warmte uit de diepe ondergrond. Terwijl we boven de historische details hebben bewonderd, bevindt zich onder onze voeten een technisch hoogstandje.
Om dit enorme complex klimaatneutraal te verwarmen en te koelen, is er een indrukwekkend BEO-veld aangelegd. Maar liefst 150 meter diep in de Gentse bodem zijn tientallen boringen uitgevoerd die via een gesloten circuit de constante aardtemperatuur benutten. Het contrast is fascinerend: boven je hoofd zie je de gerestaureerde stalen spanten uit 1923, terwijl diep onder je een onzichtbare krachtbron zorgt voor een duurzaam binnenklimaat.
Met dit straffe staaltje innovatie beëindigt onze gids Ann deze boeiende rondleiding. Vol nieuwe weetjes en sterke verhalen zwermt de groep uit naar de omliggende horecazaken. Wij trekken zelf naar Bar Bassie om alles nog eens de revue te laten passeren. We zijn blijkbaar niet de enigen; samen met enkele andere deelnemers praten we nog wat na en sluiten we deze prachtige namiddag in Gent op een bijzonder gezellige manier af.
Een Inspirerende Reis voor Jouw Vereniging
Waarom vertellen we dit hele verhaal met zoveel passie? Bij VeDi-Trips geloven we sterk in bestemmingen die je niet alleen iets moois tonen, maar je ook daadwerkelijk iets vertellen. Het Wintercircus en De Krook vormen samen een nieuw stadsdeel dat symbool staat voor respectvol hergebruik en vooruitgang.
Voor reisverantwoordelijken en bestuursleden van verenigingen biedt deze locatie een perfect gebalanceerde mix voor een boeiende daguitstap. Een bezoek laat zich uitstekend combineren met andere activiteiten. Denk aan een boottocht over de omliggende wateren, een verdiepende architectuurwandeling door het historische centrum of een inspirerende lezing in een van de zalen van De Krook.
Het gebied daagt groepen uit om met andere ogen naar stedelijke ontwikkeling te kijken. Hoe ga je als gemeenschap om met industriële littekens? Hoe maak je van een bouwvallige autogarage een kloppend hart voor de eenentwintigste eeuw, zonder de geschiedenis geweld aan te doen?
Tijdens onze wandeling met gids Ann zagen we heel duidelijk hoe mensen van alle leeftijden zich hier onmiddellijk thuis voelen: je wilt er gewoon gaan zitten, omhoog kijken naar het indrukwekkende stalen dakspant en de vele verhalen rustig laten bezinken, wat wij dan ook hebben gedaan in Bar Bassie na een welgemeende "dankuwel" aan Ann voor deze fascinerende rondleiding.
Groepstip: De "Smeerputten & de Uppercut"-Tour
Wil je een daguitstap die van begin tot eind klopt? Start dan bij Bakker Klaas voor een stevig ontbijt of een ambachtelijke lunch. Werp zeker een blik op hun logo met de bokser; een eerbetoon aan de legendarische boksmatches die ooit in de arena plaatsvonden.
Na de maaltijd duik je met Ann Dejaegher (Gentse Gidsen) de geschiedenis in. Trek voor de rondleiding in het Wintercircus zeker 90 tot 120 minuten uit. Ann overspoelt je met bijzondere verhalen die de muren weer tot leven wekken. Eindig de tour in stijl met een drankje bij Bar Bougie, waar je letterlijk boven de oude smeerputten van de garageperiode proost op een geslaagde dag.

Praktische tip voor de organisator: Houd er rekening mee dat het parcours enkele hellingen en trappen bevat. Het is een actieve beleving die de nodige stapschoenen verdient!
Conclusie
Het vernieuwde Wintercircus en De Krook bewijzen dat Gent een absolute meester is in het heruitvinden van zichzelf. Met de wetenschap dat we hier in een van de slechts twee overgebleven ronde circusgebouwen van ons land staan, krijgt een bezoek nog meer historische waarde.
Deze site biedt een zeldzame combinatie van rijke geschiedenis, indrukwekkende architectuur en een blik op een duurzame toekomst. Bij VeDi-Trips zijn we enorm onder de indruk van de warme sfeer en de gelaagde verhalen die hier voor het oprapen liggen.
Klaar om deze zeldzame architectuur met je eigen groep te ontdekken en Gent op een verrassende manier te beleven? Ben je benieuwd naar de rest van de verhalen van Ann Dejaegher? Wij konden ze onmogelijk allemaal noteren, dus ga ze vooral zelf beleven.
Neem contact op met de Gentse Gidsen voor een boeiende daguitstap en laat je onderdompelen in de magie van het Wintercircus en De Krook.
Fotografie: Openingsfoto © Veerle Boriau (tenzij anders vermeld) - Tekst: Diane Geerts | Gepub. 23 februari 2026
Deze excursie is tot stand gekomen samen met Gentse Gidsen.





