Hotel d'Hane‑Steenhuyse                    Het best bewaarde geheim van Gent

04-07-2026

In de Veldstraat schuilt een van de meest verfijnde achttiende‑eeuwse stadspaleizen van Gent: Hotel d'Hane‑Steenhuyse. Opeenvolgende generaties van de familie d'Hane de Steenhuyse bouwden hier aan een somptueus "hôtel de maître", dat uitgroeide tot een centrum van diplomatie, cultuur en stedelijke grandeur.

Een stadspaleis dat meegroeit met zijn bewoners

Drie generaties van het geslacht D'Hane de Steenhuyse bouwden het hotel:

Na het uitsterven van de mannelijke lijn kwam het stadspaleis in handen van Valerie van Pottelsberghe de la Potterie.

Het pand werd tussen 1768 en 1773 gebouwd door architect Jan Baptist Simoens, die met zekerheid de achtergevel en de salle à l'italienne ontwierp. Graaf Emmanuel Ignace d'Hane gaf het huis zijn rococo-voorgevel en statige inkomhal. Zijn zoon Pierre Emmanuel voegde de classicistische achtergevel en de monumentale balzaal toe. Onder Jean‑Baptiste bereikt het stadspaleis zijn hoogtepunt: een ontmoetingsplek voor diplomaten, kunstenaars en Europese machthebbers.

Een huis dat de groten van Europa ontvangt

Onder Jean‑Baptiste zag het pand een komen en gaan van prominente gasten:

Architectuur vol grandeur

Het stadspaleis werd ingeplant op samengevoegde erven van oudere huizen, wat de onregelmatige gevelvorm verklaart. De rooilijn werd maximaal benut, met een vooruitspringende middenpartij als gevolg. Door de inpassing tussen bestaande bebouwing werd het klassieke symmetrische grondplan verlaten. Meestal hadden dergelijke hotels een centrale ingang die toegang tot de vestibule verleende, met links en rechts de kamers, symmetrisch ten opzichte van elkaar. Hier is het dus anders. De enige toegang tot het gebouw bestaat uit een koetsportaal dat zich aan het einde van de gevel bevindt en toegang verleent tot het in de tuin gelegen koetshuis. Deze toegang sluit aan op de vestibule, die parallel met de gevel staat. De kamers zijn rond de vestibule gerangschikt; ze waren afzonderlijk via de vestibule bereikbaar, maar bovendien ook nog verbonden door onderlinge doorgangen (en vormden dus een enfilade). Via een stelsel van verscholen doorgangen kon het personeel discreet de kamers betreden.

Wist je dat… je in Hotel d'Hane-Steenhuyse direct aan de kamers kon zien hoe belangrijk je was? Het paleis is gebouwd volgens een enfilade: een lange rij kamers waarvan de deuren precies op één lijn liggen. Een gewone burger of verre kennis werd direct in de eerste, meest openbare salon ontvangen. Hoe belangrijker of adellijker je status, hoe dieper je de opeenvolgende kamers mocht betreden. De meest intieme kabinetten en boudoirs achteraan? Die waren exclusief gereserveerd voor de absolute elite. Niemand van adel zou het in zijn hoofd halen om onuitgenodigd verder te lopen dan zijn stand toeliet! 

De binnentuin met terras werd in 1773 aangelegd in zuivere Lodewijk XVI‑stijl.

Het pand heeft twee gevels:

  • Hoofdgevel (Veldstraat) – Lodewijk XV‑stijl, met barok‑ en rococo‑elementen; de gevel heeft een vooruitspringende middenpartij met Korinthische halfzuilen en een segmentboogfronton.
  • Achtergevel – neoklassieke Lodewijk XVI‑stijl, uitkijkend op de binnentuin. Anders dan de voorgevel heeft de achtergevel drie horizontale geledingen. De gevel heeft pilasters en een fronton.

De ruimtes

De inkomhal met houten lambriseringen, zwart‑wit marmeren vloer en sierlijke trap zet de toon. De salons op het gelijkvloers zijn ontworpen om te imponeren: hoge plafonds, symmetrische wandindelingen, spiegels, schouwen en verfijnde parketvloeren. De Gentse schilder Pieter Norbert van Reysschoot voorzag de salons van wandschilderingen met de vier seizoenen en intieme familietaferelen.

  • De balzaal à l'italienne wordt het decor van een koning in ballingschap

De balzaal à l'italienne behoort tot de meest indrukwekkende ruimtes: rijkelijk gedecoreerd met plafondschilderingen, spiegels, een eretrap en een parketvloer gesigneerd Henry Feylt.

In 1815 krijgt de balzaal een uitzonderlijke rol: Lodewijk XVIII, op de vlucht voor Napoleon tijdens de Honderd Dagen, installeert hier zijn salon en spreekkamer. Gedurende achtenzeventig dagen wordt Hotel d'Hane‑Steenhuyse het tijdelijke hof van Frankrijk. Diplomaten, Franse ballingen en Europese machthebbers maken hier hun opwachting. Zelfs de hertog van Wellington en koning Willem I komen op audiëntie.

Wist je dat… een adellijke dame in Hotel d'Hane-Steenhuyse nooit zomaar hardop zou zeggen dat ze een heer aantrekkelijk vond? Dat deed een gewone burger wel, maar in adellijke kringen was dat ongehoord. 

In plaats daarvan gebruikten de dames een ingewikkelde 'waaiertaal' om te communiceren tijdens bals. Drukte een dame haar waaier tegen haar rechterwang? Dan betekende dat: "Ik vind je leuk". Liet ze de waaier echter gesloten over haar linkerhand glijden? Dan was de boodschap pijnlijk duidelijk: "Je verveelt me, scheer je weg". 

Een gewone burger begreep niets van deze geheime codes, maar in het Gentse stadspaleis hing er letterlijk liefde (of afwijzing) in de lucht.

De aangrenzende kamer, normaal een rustruimte voor dansers, wordt de slaapkamer van de koning. Door zijn zwaarlijvigheid en jichtaanvallen moet hij per draagstoel of koets naar de Sint‑Baafskathedraal worden gebracht, waar hij de mis volgt vanuit een houten kerkstoel die meer wegheeft van een bed.

De familie d'Hane de Steenhuyse verhuist noodgedwongen naar de eerste verdieping. Beneden houdt de koning hof … en Gent kijkt mee.

  • De eetkamer, waar Gent zich vergaapt aan een koning

Tijdens het verblijf van Lodewijk XVIII wordt de eetkamer omgevormd tot troonzaal .Maar het is vooral zijn eetlust die tot de verbeelding spreekt. Dag na dag verdringen Gentenaars zich in de Veldstraat om door het raam te kijken. Ze tellen de schotels, de flessen wijn, de oesters — soms meer dan honderd. De koning transpireert hevig terwijl hij eet, en al snel krijgt hij in het Gentse dialect de bijnaam "Louis‑die‑Zwiet", Lodewijk de Zweter.

Na zijn vertrek schenkt de koning zijn gastheer een porseleinen dessertservies, vandaag bewaard in het STAM.




  • Het leven achter de deuren

De kamers op de verdieping waren discreter. Men vindt er de slaapkamers van de heer en de vrouw des huizes (gescheiden, naar de gewoonte van toen), een bibliotheek, een kamer voor verzamelingen. De kamers werden ingericht met veel aandacht voor symmetrie. Elke kamer had een eigen kleurschema. Graaf Jean Baptiste en zijn echtgenote Marie-Madeleine hadden zeven kinderen, een dochter en zes zonen. Zij verblijven tot hun achttiende in een appartement, vlak bij de vertrekken van hun ouders. Gouvernantes bepalen er de eerste levensjaren; meisjes worden voorbereid op wellevendheid, jongens op publieke verantwoordelijkheid.

  • De muziekkamer

De muziekkamer ademt negentiende‑eeuwse cultuur. De piano staat er centraal: statussymbool, oefenterrein voor virtuositeit en een veilige uitlaatklep voor emoties. Andere instrumenten verdwijnen geleidelijk uit de salons, niet omdat ze minder geliefd zijn, maar omdat ze als te intiem of te lichamelijk werden beschouwd.

De harp vroeg om een elegante maar volgens de nieuwe moraal té suggestieve houding. De cello werd voor vrouwen als ongepast gezien door de zithouding. De viool gold als te expressief en te fysiek. De piano bood afstand, decorum en controle. Bovendien werd ze hét instrument voor de nieuwe rage van de negentiende eeuw: salonliederen.

  • De kamenier

De persoonlijke kamenier van de gravin, Isabelle, sliep boven de opsmukkamer, bereikbaar via een geheime diensttrap. Ze stond dag en nacht paraat.

  • Het personeel

Onder het dak en in de kelders leefde het personeel grotendeels onzichtbaar. De keuken, voorraadkamers en diensttrappen vormden een parallel universum dat het huis draaiende hield.

Praktisch

Hotel d'Hane‑Steenhuyse is vandaag een plek waar geschiedenis tastbaar wordt. Hier leefde een koning in ballingschap, hier bewogen diplomaten zich door de salons, en hier keek Gent door de ramen naar een wereld in beroering. Wie het stadspaleis bezoekt, wandelt door drie eeuwen verhalen — een verborgen parel in het hart van de stad. 

Zin gekregen om de geheimen achter deze imposante gevels zelf te ontdekken? Laat je dan elke zondag om 11:00 uur meeslepen door de verhalen van een gepassioneerde gids. Tijdens deze individuele rondleiding komt het roemrijke verleden van Hotel d'Hane‑Steenhuyse helemaal tot leven. Verborgen boudoirs, intieme kabinetten en weelderige enfilades hebben na dit bezoek geen geheimen meer voor jou.

Als kers op de taart steek je daarna de straat over naar Huis Arnold Vander Haeghen voor een exclusieve blik in het fabelachtige Chinese Salon en de authentieke werkkamer van Nobelprijswinnaar Maurice Maeterlinck. Een absolute must-see tijdens je trip naar Gent!

Samen op pad? Wil je deze twee prachtige stadspaleizen liever exclusief met je eigen vereniging, familie of vriendengroep ontdekken? Dat kan! Neem voor een onvergetelijke groepsrondleiding op maat rechtstreeks contact op met de Gentse Gidsen en plan jullie perfecte cultuuruitstap.


Zin in nog meer ontdekkingen?

1) zoek je  naar andere bezienswaardigheden in de buurt, raadpleeg dan onze Toeristische kaart van VeDi-Trips.be.
2) Je kunt onze overzichtslijsten raadplegen: per thema of per regio
3) Je kunt ook altijd toeristische diensten raadplegen.


Tekst en Fotografie - © Martine De Beer (tenzij anders vermeld) | Gepub. 4 juli 2026

Een gastbijdrage van Martine De Beer. Dank je wel Martine!

Share